Nissan verdedigt titel GT-klasse met winnaars GT Academy
Goede start GT‑R Nismo GT3 in Blancpain Series op circuit van Monza
14 april 2014 - Nissan zette de nieuwste winnaars van Nissans GT Academy in voor de eerste wedstrijd in de Blancpain Endurance Series 2014. De jonge coureurs presteerden zeer verdienstelijk op het roemruchte circuit van Monza (Italië).
De Nissan GT‑R Nismo GT3 met startnummer 80 - gereden door Alex Buncombe, Nick McMillen en Florian Strauss - legde beslag op de vijfde plaats in de Pro-Am-klasse. De coureurs moesten er drie uur hard voor werken, want door een technisch probleem in de training zat er voor Buncombe niet meer in dan een startplaats in de achterhoede.
Door een lichte aanrijding in de eerste ronde werd de race voor Mark Shulzhitskiy, Miguel Faisca en Katsumasa Chiyo in de andere Nissan GT‑R Nismo GT3 (startnummer 35) niet meer dan een lange training. Maar in de volgende race van de Blancpain Endurance Series - een van de zwaarste GT-series ter wereld - zullen ze er weer staan.
Het Nissan GT Academy Team RJN had de nodige problemen tijdens de kwalificatie voor de race. Door een technisch probleem met de GT‑R met startnummer 80 hing een goede startplaats af van de laatste ronde van Alex Buncombes kwalificatiesessie. Vanwege een ongeval werd de kwalificatie echter stilgelegd terwijl Buncombe slechts de 17e tijd had gezet in de Pro-Am-klasse. Desondanks was wel duidelijk dat hij meekon met de snelsten.
De GT‑R met nummer 35 had meer succes in de kwalificaties en reikte tot de zesde startplaats in zijn klasse voor Katsumasa Chiyo.
Gedrang bij de start
De start van elke race op het circuit van Monza leidt tot hevig gedrang op de baan, maar als meer dan veertig GT-auto's op de eerste chicane afstuiven, zorgt dat voor werkelijk hectische taferelen in de eerste ronde. Buncombe maakte in de Nissan GT‑R met nummer 80 een fantastische start, passeerde zeventien auto's in de eerste ronde en klom van de 32e plaats op de grid naar de vijftiende overall en vierde in de Pro-Am-klasse.
Helaas was de drukte in de eerste bocht het begin van het einde voor Mark Shulzhitskiy in de andere GT‑R van het team. Een lichte aanrijding met een andere deelnemer richtte toch zoveel schade aan dat de GT‑R met nummer 32 voor reparatie terug moest naar de pits. Daar werkten de monteurs tot halverwege de race aan de auto.
"Ik was heel voorzichtig bij de start", vertelde Shulzhitskiy. "Ik probeerde contact met andere auto's te vermijden en dacht dat dat ook gelukt was. De auto voelde goed, maar op een heel snel deel van het circuit voelde ik een vibratie. Toen kwam ook meteen teambaas Rob Neville op de boordradio, die zei dat ik terug moest naar de pits. Achteraf zag ik op de beelden van de onboard camera dat een Audi wel heel dicht bij me kwam, maar in de auto had ik geen contact gevoeld toen dat gebeurde. Ik ben erg teleurgesteld, want dit is zó zonde. Niet alleen voor mij, maar ook voor Chiyo-san én Miguel."
Mooie strijd
Na een uur racen kwam Buncombe de pits in, terwijl hij op de vierde plaats lag. Nick McMillen nam het stuur over en zette direct de achtervolging in op de leiders in de Pro-Am-klasse. De Amerikaanse GT Academy-winnaar pakte zelfs de tweede plaats. "Ik had de eerste ronden van mijn stint het circuit voor mezelf", vertelt McMillen. "Maar ik maakte een paar kleine foutjes, dus ik besloot het rustiger aan te doen en te ontspannen. Op een gegeven moment jaagde ik op de leider in onze klasse. Ik had het erg naar mijn zin. Ook heb ik een mooie strijd geleverd met een Ferrari die me uiteindelijk toch uitremde. Daarna werd ik bijgehaald door een van de Bentleys. Ik heb een hoop geleerd en heel veel plezier gehad."
Florian Strauss nam als laatste het stuur van nummer 80 over. De Duitse GT Academy-winnaar deed het uitstekend onder de moeilijke omstandigheden. "Ik was wel nerveus toen ik de auto overnam terwijl we op de tweede plaats lagen", vertelt Strauss. "Ik had het in het begin wel moeilijk, ook doordat ik me een beetje teveel richtte op de auto's achter me. Het is best moeilijk om zonder tijdverlies de professionals voorbij te laten als je bijna even snel bent als zij. Uiteindelijk moest ik rustiger aan doen vanwege de brandstof. Maar gezien onze startplaats ben ik wel heel blij met wat we vandaag bereikt hebben."
Training
De GT‑R met nummer 35 werd lange tijd opgehouden vanwege reparaties aan de radiator en kwam pas halverwege de race terug op de baan. Miguel Faisca had het zwaar in de eerste ronden dat hij op de baan was. "Vanwege de problemen met de radiator moest ik de watertemperatuur continu in de gaten houden", vertelt Faisca. "Restanten van de oude koelvloeistof liepen op een gegeven moment over de voorruit en ik zag even helemaal niets. Toen ik eenmaal in mijn ritme zat, voelde ik dat de auto heel stabiel was. Ik kon zelfs de strijd aan met een Audi. Deze race was uiteindelijk eigenlijk een training voor ons, dus ik heb er wel voor gezorgd dat ik niemand in de weg reed."
"Alle zes coureurs hebben echt goed gepresteerd, aangezien dit een van de zwaarste races in het kampioenschap is - Monza is immers een supersnel circuit", vertelde teambaas Bob Neville van Nissan GT Academy Team RJN. "Ik ben nu heel benieuwd hoe ze het in de volgende race, op het circuit van Silverstone, doen."